Verschillende domeinen gebruiken om te luisteren


Actuele onderwijskundige ontwikkeling





 

 

 

 

 


Luisterdidactiek

Het leren luisteren naar muziek begint bij de motivatie, de bereidheid van de leerlingen om zich met het luistervoorbeeld bezig te houden. De leerlingen zeggen: ‘Jongens en meisjes, ik wilde jullie dit mooie muziekstuk laten horen.. Luister hier eens naar..’, werkt niet bij kinderen. Ze zullen gaan giechelen of opmerkingen maken, omdat het iets is wat niet bekend bij hen is. Motivatie is dus een belangrijk punt, geef de kinderen een opdracht, zodat ze een reden hebben om te luisteren. Motivatie is nauw verbonden met concentratie, de actieve, bewuste en intensieve toewending van de leerlingen.

Bij gemotiveerde en geconcentreerde omgang met muziek gaat het vooral om horen en zien, in samenhang met muzikale beweging. Het ‘zien van het klinken’ ontbreekt vaak in de didactische situaties. Tijdens het luisteren naar een muziekfragment dwalen de ogen doelloos rond en zien van alles wat de aandacht van het muziekfragment afneemt. De ogen zullen eigenlijk moeten helpen om zich te concentreren op het luisteren. Een luisterpartituur is hierbij een veelgebruikt hulpmiddel.

Met een luisterpartituur is er steeds een heen-en-weer beweging:

Wanneer je kinderen met luisterpartituren laat werken gaat het om:

In een luisterpartituur moeten de tekens zo duidelijk zijn dat je de details in de muziek kunt herkennen, de vormverloop kunt zien. Een luisterpartituur kan verschillende lagen qua niveau hebben. Je kunt er eerst oppervlakkig op in gaan en later dieper graven.
Bovenstaande informatie heb ik uit een reader van Pabo Meppel.

In de brochure Spits je oren* las ik dat luisteren de belangrijkste pijler van de muzikale vorming is. De muzikale vorming ondersteunt vervolgens weer het luisteren.  Het is belangrijk de kinderen te activeren tijdens het luisteren. Door middel van vragen en opdrachten worden de kinderen aangezet tot spel, beweging en visualisering. Wanneer die vragen en opdachten duidelijk zijn voor de kinderen voordat het muziekstuk beluisterd wordt, zal de muziek pas echt beleefd worden. Ik citeer uit de zojuist genoemde brochure: “Luisteren kun je leren. Leren luisteren is een groeiproces.


Luisteren
Het is nodig de aandacht van de kinderen op het muziekstuk te richten met behulp van verschillende werkvormen. Wanneer je dit niet doet zal de aandacht al gauw verslappen, er wordt dan geschuifeld, ogen dwalen alle kanten op, er wordt gekletst, voordat je het weet wordt er niet meer geluisterd naar de muziek. De werkvormen kunnen muzikaal (zingen, bewegen, noteren, spelen) als niet-muzikaal (gesprek, drama, tekenen, verhaal) zijn.
Veel kinderen willen graag wat doen tijdens het luisteren: bewegen of een opdracht maken. Die activiteitsdrang kun je prima inzetten tijdens het luisteren, maar let dan wel op dat de opdracht niet ten koste van het luisteren gaat!

 ‘Luisteropdrachten richten het gehoor van de kinderen op een bepaald facet: Hoe vaak hoor je het ritme? Welk instrument is het belangrijkst in dat stukje muziek? Welke melodie wordt gespeeld: A, B of C?’ **

Activeringsopdrachten laten kinderen auditieve waarnemingen omzetten in een handeling. Bijvoorbeeld: Wanneer je deze melodie hoort dan doe je … (een beweging, kaartje leggen, schrijven, tekenen, aanwijzen, etc.)
Een goede luisteropdracht is uitdagend voor de kinderen en is niet al aan het begin van de les te beantwoorden. De opdrachten ze zijn ook niet te moeilijk of gericht op de subjectieve beleving van het kind, maar ze zijn gericht op de muziek.
Door een evaluerend gesprek aan het einde van het luisteren probeer je te bereiken dat je iets bijdraagt aan het leerproces. Op dat moment gaat het er niet om of de kinderen de muziek wel of niet mooi vonden. U wilt ze juist confronteren met andere muziek dan ze normaalgesproken luisteren. Wanneer het luisterfragment tempoverschillen liet horen, dan zullen de evaluerende vragen hierop gericht zijn: op welke manier, waar en hoe kwamen de tempoverschillen tot stand?

Luisteren naar muziek
De kinderen luisteren naar klank, vorm of betekenis van de muziek:

Reageren op de muziek
Muziek doet iets met kinderen. Je kunt ze zien bewegen, hun mimiek laat hun gevoel zien of ze willen wat vertellen over de muziek.
Tijdens het luisteren kan de leerkracht de kinderen laten reageren op de muziek, zodat hij kan zien of de kinderen de opdracht begrepen hebben: notaties meelezen, bewegen op muziek, meetekenen, zingen, meespelen of materiaal gebruiken.
Na het luisteren kan de leerkracht de kinderen laten vertellen over de muziek, de muziek benoemen en/of opdrachten uitvoeren.

Reflecteren op de muziek
Muziek kun je beluisteren zonder er over na te denken, je kunt het beluisteren voor je plezier, voor de stemming of de sfeer. Maar op de basisschool willen we de kinderen iets leren.

Door de juiste didactiek komt een bepaalde relatie tot stand tussen de muziek en de luisteraar. Een relatie waarbij er bij de kinderen iets verandert: ze hebben iets beleefd, iets ontdekt, inzicht gekregen, en deze ervaringen worden aan hun eigen ervaringen toegevoegd. Er is sprake van een leerproces dat door de didactiek wordt gestimuleerd.”***

Een goede reflectie is nodig om  ervaringen, inzicht, kennis of attitudes te herstructureren, het moet namelijk niet bij een oppervlakkige kennismaking blijven.
Iedereen luistert op zijn eigen manier en gebruikt daarbij zijn eigen stijl.
In het boek Nieuw Geluid**** wordt verwezen naar Kleine theorie van de werkbehandeling door Hiepko Boer, aangezien hij de volgende luisterstijlen beschrijft:

De luisterstijlen zijn afhankelijk van de omgeving waar je luistert en de luisterervaringen opdoet. Naast die factoren speelt ook de eigen aanleg een rol, waardoor iedereen zijn eigen luisterstijlen ontwikkelt.


Luisteren gaat altijd gepaard met andere vormen van (muzikaal) gedrag: bewegen, reflecteren op de muziek, afvragen wat je precies hoort, vastleggen(noteren/lezen) van de muziek, etc. En zoals je hierboven hebt kunnen lezen luistert iedereen op een verschillende manier. Het is daarom van belang niet altijd dezelfde werkvorm te gebruiken voor de muzieklessen, maar dit af te wisselen.

Voor een overzicht van de leerlijnen luisteren, zingen, bewegen, maken en vastleggen verwijs ik door naar het boek Muziek Meester! Deel 2.


* Driest, van den, J.; Spits je oren

**Muziek Meester deel 1

***Muziek Meester deel 1

**** Vrolijk, R; Nieuw Geluid; Noordhoff Uitgevers bv; Groningen/Houten; 2009

Copyright © 2012 Myrhe Veenendaal - Muziekgeschiedenis.com Alle rechten voorbehouden